Algemene voorwaarden

Algemene voorwaarden van:

 

Makelaardij Marten Groothof

Singel 16

8408 CA  Lippenhuizen

 

               

Algemeen

Makelaardij Marten Groothof, de voorwaarden en de kosten.

De diensten van Makelaardij Marten Groothof zijn veelomvattend. Hij adviseert, bemiddelt en begeleidt bij de koop en verkoop van onroerende zaken, produktierechten en voert taxaties uit.  In alle gevallen werkt de Makelaardij Marten Groothof samen met zijn opdrachtgever. Hiermee wordt een zakelijke overeenkomst afgesloten, waarin duidelijk is aangegeven welke diensten zullen worden verleend en welke kosten hiermee zijn gemoeid. De voorwaarden zijn erop gericht het belang van de consument en Makelaardij Marten Groothof te dienen en te beschermen. Dat gebeurt door goede afspraken te maken over de te verlenen diensten, de aard van de samenwerking en de kosten die hiermee gemoeid zijn. Omdat er bij een opdracht sprake is van een zakelijke overeenkomst, moet er vooraf volledig duidelijkheid bestaan over de aard en de kosten van de dienstverlening. De voorwaarden zijn in werking getreden op 16 december 2005.

De kosten
Voor de diensten die Makelaardij Marten Groothof voor u verricht bent u kosten verschuldigd. Makelaardij Marten Groothof bepaalt zelf de kosten die hij u voor zijn diensten in rekening brengt. De tarieven die Makelaardij Marten Groothof hanteert treft u aan in de bemiddelingsopdracht. U doet er goed aan om zelf vooraf met Makelaardij Marten Groothof te overleggen over de kosten die met zijn dienstverlening zijn gemoeid.

De MMG Erecode
Makelaardij Marten Groothof moet zich uit hoofde van zijn titel als makelaar houden aan bepaalde regels. Zo is het Makelaardij Marten Groothof niet toegestaan om voor eigen rekening in onroerende zaken te handelen. Ook mag hij bij een transactie maar een opdrachtgever dienen. Makelaardij Marten Groothof is een adviseur en bemiddelaar, geen handelaar.

I Algemene bepalingen

1.     Het overeengekomen honorarium en de bijkomende kosten zijn, tenzij uitdrukkelijk anders overeengekomen, exclusief wettelijk verschuldigde omzetbelasting.

2.     De makelaar voert door hem aanvaarde opdrachten naar beste weten en kunnen en met inachtneming van de belangen van zijn opdrachtgever uit. Tenzij anders overeengekomen mag de makelaar de werkzaamheden nodig voor het uitvoeren van de opdracht door anderen, onder zijn verantwoording, laten uitvoeren.

3.     In geval een opdracht wordt verstrekt door meer dan een persoon, is ieder van hen hoofdelijk aansprakelijk voor de bedragen die uit hoofde van die opdracht aan de makelaar verschuldigd zijn.

4.     In geval van overlijden van de opdrachtgever eindigt de opdracht op het tijdstip waarop de makelaar van het overlijden kennis krijgt. Het bepaalde in artikel II.24 is van overeenkomstige toepassing.

5.     In geval van faillissement of surseance van betaling van de opdrachtgever, is de makelaar gerechtigd de tussen hem en opdrachtgever bestaande overeenkomst, voorzover deze nog niet is uitgevoerd, met onmiddellijke ingang te beëindigen. Overeengekomen kosten aan derden, zoals advertentiekosten, kunnen in rekening worden gebracht.

6.     Vorderingen wegens verschuldigd honorarium zijn opeisbaar indien en zodra de opdracht is uitgevoerd of om een andere reden eindigt, tenzij uit deze voorwaarden anders blijkt of opdrachtgever en makelaar anders overeenkomen. Dit geldt eveneens ten aanzien van gedane voorschotten en gemaakte onkosten. Opdrachtgever en makelaar kunnen betaling vooruit door de opdrachtgever overeenkomen. Zij kunnen ook tussentijdse afrekening van gedane voorschotten en gemaakte onkosten overeenkomen.


 

7.     De opdrachtgever aan wie, door middel van een nota of op andere wijze, schriftelijk betaling van honoraria, verschotten of onkosten is verzocht en van wie binnen 30 dagen na een tweede schriftelijk verzoek nog geen betaling is ontvangen, is aansprakelijk voor de kosten die de makelaar vanaf het moment van verstrijken van deze 30 dagen zowel in als buiten rechte ter inning van zijn vordering maakt. Tevens is hij vanaf dat moment rente over die vordering verschuldigd; het rentepercentage is gelijk aan de wettelijke rente (art. 6:120 BW). Deze aansprakelijkheid voor inningskosten en verschuldigdheid van rente vervalt, indien en voorzover dit wordt beslist bij uitspraak van de geschillencommissie of de rechter, in samenhang met diens oordeel dat het aan honoraria, verschotten of onkosten in rekening gebrachte bedrag niet verschuldigd is.

8.     Opdrachtgever en makelaar kunnen de wijze en/of het tijdstip van afrekening in de opdracht nader overeenkomen.

 

II. Diensten inzake totstandkoming overeenkomsten

1.     Onder opdracht wordt voorzover niet anders blijkt in dit hoofdstuk verstaan een opdracht tot het verlenen van diensten met betrekking tot het tot stand komen van een overeenkomst inzake onroerend goed.

2.     De makelaar draagt zorg dat de opdrachtgever beschikt over informatie omtrent het dienstenpakket van de makelaar, de rechten en verplichtingen die voortvloeien uit de opdracht en de gebruikelijke gang van zaken bij transacties met betrekking tot onroerend goed.

3.     Een opdracht dient schriftelijk te worden vastgelegd. Bij ontbreken daarvan heeft de makelaar geen recht op betaling van het honorarium, verschotten of onkosten, tenzij hij het bestaan van een opdracht alsnog kan bewijzen.

4.     Tenzij anders overeengekomen staan de opdrachtgever uit hoofde van zijn opdracht onder meer de volgende diensten ter beschikking:
• bespreking van en advies omtrent de mogelijkheden om tot de beoogde overeenkomst te komen;
• beoordeling van de waarde van het betreffende onroerend goed;
• besteding van aandacht aan juridische, fiscale, bouwkundige en andere van belang zijnde aspecten;
• advies over en het voeren van onderhandelingen;
• begeleiding bij de afwikkeling.

5.     De makelaar onthoudt zich van het aanvaarden van een opdracht met betrekking tot een onroerend goed ter zake waarvan hij reeds opdracht heeft van een andere opdrachtgever. Vloeit uit een lopende opdracht voort dat een makelaar aan die opdrachtgever een dienst verleent met betrekking tot onroerend goed ten aanzien waarvan hij tegelijkertijd uit hoofde van een andere lopende opdracht een dienst zou moeten verlenen aan een andere opdrachtgever, terwijl het verlenen van de dienst aan de ene opdrachtgever in strijd is met het belang van de andere opdrachtgever, dan overlegt de makelaar met, te zijner keuze, elk van deze opdrachtgevers of een van hen. De makelaar opent dit overleg in ieder geval zodra het stadium van onderhandelingen tussen de betreffende opdrachtgevers wordt bereikt. Het overleg dient te leiden tot het opschorten of eventueel beëindigen van een van de opdrachten. Bij het overleg stelt de makelaar tevens de mogelijkheid aan de orde dat de opdrachtgever wiens opdracht wordt opgeschort of beëindigd een collega-vastgoeddeskundige inschakelt. Komt, al dan niet in strijd met het voorgaande, tussen de opdrachtgevers van dezelfde makelaar een overeenkomst tot stand, dan kan de makelaar in gevallen waarin de wet zich niet tegen het in rekening brengen van courtage verzet, daaraan slechts ten opzichte van een van hen het recht op courtage ontlenen.

6.     De opdracht als zodanig houdt geen volmacht aan de makelaar in tot het sluiten van overeenkomsten namens de opdrachtgever; aan de opdracht kunnen echter volmachten worden verbonden en deze kunnen later ook worden verstrekt.

7.     De opdrachtgever onthoudt zich van activiteiten die de makelaar bij het vervullen van zijn opdracht kunnen belemmeren of diens activiteiten kunnen doorkruisen. De opdrachtgever maakt geen gebruik van soortgelijke diensten van anderen dan de makelaar behoudens in zoverre uitdrukkelijk andere afspraken zijn gemaakt. Hij brengt buiten zijn makelaar om geen overeenkomst tot stand en voert daartoe ook geen onderhandelingen. Indien in strijd met dit artikel een opdracht tot stand komt, is de opdrachtgever courtage verschuldigd.

8.     Indien een opdrachtgever aan verschillende makelaars opdracht geeft met betrekking tot hetzelfde object, dienen de makelaars, als zij met dit feit bekend zijn, een onderlinge afspraak te maken over de verdeling van de courtage en moeten met de opdrachtgever afspraken worden gemaakt over de externe kosten. Gebeurt dit niet, dan is de opdrachtgever aan elke makelaar courtage en externe kosten verschuldigd.

 

9.     Een opdracht loopt voor onbepaalde tijd. Hij eindigt onder meer door
• vervulling door de makelaar;
• intrekking door de opdrachtgever;
• teruggaaf door de makelaar.
De makelaar heeft zijn opdracht vervuld, zodra de beoogde overeenkomst als gevolg van door hem verleende diensten tot stand is gekomen. Het vervuld zijn van de opdracht laat onverlet zijn uit de opdracht voortvloeiende verplichting om de opdrachtgever bij de afwikkeling te begeleiden. Bij overeenkomsten, waarvan de definitieve totstandkoming of de verplichting tot uitvoering, krachtens een tot de overeenkomst behorend beding, afhankelijk is van een opschortende of ontbindende voorwaarde, is ook het vervuld zijn van de opdracht daarvan afhankelijk. Het intrekken of terugtrekken van een opdracht dient schriftelijk te geschieden. Als datum voor een beëindiging van een opdracht geldt de datum, waarop de makelaar respectievelijk de opdrachtgever de schriftelijke mededeling inzake het intrekken of teruggeven ontvangt of de in die mededeling genoemde latere datum. Bij beëindiging of opschorting van de opdracht kunnen kosten in rekening worden gebracht overeenkomstig het bepaalde in artikel II.23, 24 en 25. Na het einde van de opdracht kunnen courtageverplichtingen ontstaan overeenkomstig het bepaalde in artikel II.16.


Courtage

10.    De opdrachtgever is aan de makelaar courtage verschuldigd indien tijdens de looptijd van de opdracht een overeenkomst tot stand komt, ook al wijkt deze af van de opdracht. Dit geldt ook indien deze overeenkomst niet het gevolg is van door de makelaar verleende diensten, tenzij het een opdracht betreft van een opdrachtgever-koper of -huurder en deze koopt of huurt buiten het gebied waarop de opdracht betrekking heeft.

11.   De opdrachtgever is eveneens courtage verschuldigd indien de overeenkomst weliswaar tot stand komt na het einde van de opdracht maar het gevolg is van handelen in strijd met artikel II.7 of deze totstandkoming verband houdt met dienstverlening van de makelaar aan de opdrachtgever gedurende de looptijd van de opdracht. Dit verband wordt behoudens tegenbewijs verondersteld aanwezig te zijn indien de overeenkomst tot stand komt binnen drie maanden na het einde van de opdracht. Indien de opdracht eindigt als gevolg van intrekking door de opdrachtgever en de opdrachtgever bij de intrekking een termijn in acht neemt, is bovengenoemde periode van drie maanden zoveel korter als er tijd ligt tussen het moment waarop de makelaar de schriftelijke mededeling inzake de intrekking ontvangt en dat waarop de opdracht eindigt. Het voorgaande geldt niet indien ten tijde van het einde van de opdracht een soortgelijke opdracht aan een andere makelaar is verstrekt en deze opdracht op het moment van totstandkoming van de overeenkomst nog loopt.

12.   Wanneer een tot stand gekomen overeenkomst door wanprestatie van een der partijen of om andere reden niet tot uitvoering komt, laat dit het recht van de makelaar op courtage onverlet. Bij overeenkomsten, waarvan de definitieve totstandkoming of de verplichting tot uitvoering, krachtens een tot de overeenkomst behorend beding, afhankelijk is van een opschortende of ontbindende voorwaarde, is ook het recht op courtage daarvan afhankelijk, tenzij een van de partijen of beide de betreffende voorwaarde niet overeenkomstig de strekking hanteren.

13.   Het bedrag van de courtage is afhankelijk van de soort en inhoud van de tot stand gekomen overeenkomst, ook al wijkt deze af van de opdracht en ongeacht of de overeenkomst tijdens de looptijd van de opdracht dan wel na het einde daarvan tot stand komt. Het bedrag wordt bepaald door hetgeen makelaar en opdrachtgever zijn overeengekomen. Wanneer een courtage-verplichting overeenkomstig het bepaalde in artikel II.11 ontstaat na het einde van de opdracht, de makelaar nauwelijks werkzaamheden heeft verricht en de opdrachtgever daar niet of nauwelijks voordeel van heeft gehad, bedraagt de courtage een naar redelijkheid vast te stellen deel van het tarief.

14.   Onder de totstandkoming van een overeenkomst wordt tevens verstaan het door opdrachtgever meewerken aan een handeling als gevolg waarvan het onroerend goed geheel of gedeeltelijk wordt verkocht, verhuurd of toebedeeld aan de opdrachtgever en/of een derde en in verband daarmee de uitvoering van de opdracht geen verdere voortgang vindt.

15.   Over de kosten verbonden aan de totstandkoming en de uitvoering van een overeenkomst, zoals notariële kosten en overdrachtsbelasting, is geen courtage verschuldigd. De verschuldigdheid en het bedrag van de courtage worden niet beïnvloed door hetgeen de partijen bij de overeenkomst daaromtrent onderling overeenkomen.

16.   In geval de makelaar door toedoen van zijn opdrachtgever niet kan vaststellen over welk bedrag hij courtage in rekening moet brengen, heeft hij het recht dit bedrag volgens eigen taxatie te bepalen en is de naar dit bedrag berekende courtage verschuldigd.

17.   Met inachtneming van het bepaalde in artikel II-12 is de courtage verschuldigd en opeisbaar op het moment van het tot stand komen van de overeenkomst.
De makelaar kan deeldiensten aanbieden, waarvoor een apart tarief tussen makelaar en opdrachtgever moet worden overeengekomen.

Overige kosten

18.   Tenzij anders overeengekomen vergoedt de opdrachtgever de kosten die de makelaar ten behoeve van de opdrachtgever maakt. Ten aanzien van het maken van deze kosten en de omvang er van dient de makelaar tevoren met zijn opdrachtgever overleg te plegen. Een en ander geldt eveneens als de opdracht wordt opgeschort of eindigt door intrekking, teruggaaf of anderszins.

19.   Onverminderd het in artikel II.18 gestelde is de opdrachtgever die een opdracht tot dienstverlening intrekt of opschort bovendien aan de makelaar een vergoeding verschuldigd ter hoogte van 10% van de courtage passend bij de laatst gehanteerde vraagprijs danwel een vooraf overeengekomen andere vergoeding. Indien over de hoogte van deze vergoeding geen afspraken zijn gemaakt, dient deze naar redelijkheid te worden vastgesteld.

20.   Opdrachtgever en makelaar kunnen, indien daartoe aanleiding is, het bepaalde in artikel II.18 van overeenkomstige toepassing verklaren voor het geval de opdracht op andere wijze dan door intrekking eindigt.

Koop en verkoop

21.   Indien de hoogte van de courtage afhankelijk is gesteld van de koopsom, wordt onder koopsom verstaan:
a) Het bedrag dat koper en verkoper als zodanig overeenkomen. Is over de koopsom omzet-belasting verschuldigd of is deze in de koopsom begrepen dan wordt onder koopsom mede verstaan het bedrag van de omzetbelasting, tenzij de koper gerechtigd is om de omzetbelasting in aftrek te brengen;
b) Indien bij een overeenkomst van koop en verkoop de tegenprestatie bestaat uit een lijfrente-vergoeding: de waarde welke aan het onroerend goed wordt toegekend ter berekening van de verschuldigde overdrachtsbelasting.

c) Bij koop en verkoop van een recht van erfpacht, danwel van een opstal op erfpachtsgrond: het bedrag dat de koper en verkoper als zodanig overeenkomen, vermeerderd aan een bedrag gelijk aan het tienvoud van de periodieke vergoeding op jaarbasis;
d) Bij ruilkoop: de gezamenlijke waarde van de daarbij betrokken onroerende goederen.

22.   Met koop en verkoop worden gelijkgesteld overeenkomsten

a) van ruilkoop;
b) van huurkoop;
c) van koop en verkoop op afbetaling;
d) van koop en verkoop die niet of niet zonder meer de verplichting tot eigendomsoverdracht bevatten (economische overdracht);
e) tot het vestigen van het recht van erfpacht of opstal;
f) van financial lease.

28. Indien er, behalve het onroerend goed, ook roerende zaken (bijvoorbeeld in de vorm van      

meubilair, stoffering en inventaris) of vermogensrechten (bijvoorbeeld goodwill) worden gekocht en verkocht, of er tevens vermogensrechten zoals schadevergoedingen, inschrijvingen, bijdragen en dergelijke aanspraken op derden worden overgedragen dan wel zulke rechten door partijen jegens elkaar worden overeengekomen, wordt onder koopsom mede verstaan de koopsom van deze zaken en vermogensrechten.


 

 

29. De courtage bij aan- of verkoop wordt verminderd met de eerder door de opdrachtgever met   

betrekking tot hetzelfde pand aan dezelfde makelaar betaalde taxatiekosten, indien de transactie binnen een jaar na de taxatie plaatsvond.

 

III. Taxaties

1.     Onder een opdracht tot taxatie wordt in dit hoofdstuk verstaan een opdracht tot het geven van een waardeoordeel en het uitbrengen van een eenvoudig rapport daaromtrent. Een opdracht tot taxatie houdt geen opdracht tot het verrichten van een bouwkundige keuring in.

2.     Het rapport omvat de naam van de opdrachtgever, een korte, zakelijke omschrijving van het getaxeerde, de bijbehorende kadastrale gegevens, het gevraagde oordeel over de waarde en de soort daarvan, een aanduiding van bijzondere omstandigheden waarmee bij dit oordeel rekening is gehouden, het doel van de taxatie en de datum waarop deze is verricht.

3.     Het rapport wordt aan de opdrachtgever uitgebracht. De makelaar aanvaardt alleen ten opzichte van hem verantwoordelijkheid voor de inhoud van het rapport. Het staat de opdrachtgever vrij het rapport of gegevens daaruit, tenzij dit kennelijk alleen voor hem bestemde informatie bevat, ter inzage of beschikking te stellen van derden, mits hij het verschuldigde honorarium aan de makelaar heeft voldaan en hij deze derde duidelijk maakt dat de makelaar ten aanzien van de inhoud van het rapport geen verantwoordelijkheid jegens derden aanvaardt. De makelaar stelt het rapport niet ter beschikking aan derden dan in overleg met zijn opdrachtgever.

4.     Bij een opdracht aan meer makelaars gezamenlijk brengen deze makelaars gezamenlijk rapport uit. In dit rapport komen hun gezamenlijke bevindingen tot uitdrukking. Slagen de makelaars er niet in tot gezamenlijke conclusies te komen, dan treden zij in overleg met de opdrachtgever omtrent het uit brengen van een rapport waarin hun uiteenlopende conclusies voorkomen.

5.     Indien het tarief afhankelijk is gesteld van de taxatiewaarde wordt onder taxatiewaarde verstaan:
a) Bij taxatie van de waarde van een aandeel in onroerend goed: de getaxeerde waarde van het gehele onroerend goed;
b) Bij taxatie van de waarde van een appartementsrecht of van een lidmaatschapsrecht van een coöperatie: de getaxeerde waarde van het appartementsrecht of dat lidmaatschapsrecht;
c) Bij taxatie van de waarde van opstallen op erfpachtsgrond of het recht van erfpacht (al dan niet met de rechten van de erfpachter op de opstallen): het getaxeerde bedrag, vermeerderd met het bedrag dat gelijkstaat aan het tienvoud van de geldende canon op jaarbasis;
d) Indien de opdracht betrekking heeft op meer dan een soort waarde, of indien het voor het geven van het gevraagde waardeoordeel noodzakelijk is tevens andere soorten waarden te beoordelen en deze oordelen in het rapport vermeld worden: de waarde waarvan de overeengekomen bijbehorende tariefberekening de hoogste uitkomst geeft; de herbouwwaarde wordt daarbij buiten beschouwing gelaten.
e) Bij een taxatie ten behoeve van een geldlening onder hypothecair verband: de onderhandse verkoopwaarde, tenzij deze lager is dan de executiewaarde.

6.     Het tarief wordt in rekening gebracht per object.
Vormen de objecten echter een complex, of kunnen zij vanwege hun ligging ten opzichte van elkaar daarmee worden gelijkgesteld, dan worden zij voor de berekening van het honorarium beschouwd als vormen zij een object.

7.     Bij taxatie ingevolge een aan meer makelaars verstrekte opdracht wordt het tarief door iedere makelaar in rekening gebracht.

8.     Bij intrekking van een opdracht voordat deze is uitgevoerd is de opdrachtgever voor de reeds verrichte werkzaamheden aan de makelaar een honorarium verschuldigd. Indien over de hoogte van dit honorarium geen afspraken zijn gemaakt, dient deze naar redelijkheid te worden vastgesteld.

9.     Verschotten worden in rekening gebracht. Hetzelfde kan naar redelijkheid worden gedaan ten aanzien van gemaakte reis- en verblijfkosten.

10.   De opdrachtgever is het verschuldigde honorarium verschuldigd zodra de taxatie is verricht danwel het rapport is afgeleverd.

IV. Geschillen en klachten

1.     De rechter in de vestigingsplaats van Makelaardij Marten Groothof is bij uitsluiting bevoegd van geschillen kennis te nemen, tenzij de kantonrechter bevoegd is. Niettemin heeft Makelaardij Marten Groothof het recht het geschil voor te leggen aan de volgens de wet bevoegde rechter.

2.     Partijen zullen  een beroep op de rechter doen, nadat zij zich tot het uiterste hebben ingespannen een geschil in onderling overleg te beslechten.

 



 (Te Koop bord 003)